RHAPSODY

Anse Amyot

Na de storm likken we onze wonden achter een klein koraalrifje binnen de lagune vlakbij de noordpas van Fakarava. Op een kapotte zonnepaneel na is alles heel gebleven. Toau is de volgende atol waar we naar toe gaan en willen de volgende dag heel vroeg door de pas. We springen het water in en door het venstertje van de snorkel aanschouw ik de waterwereld. Vissen jagen elkaar na, happen aan koraal en een nieuwsgierig haaitje komt een kijkje nemen. Alles is rustig en kalm. Zou er ook maar 1 vis zich druk gemaakt, hebben die avond? ’s Nachts kietelt het lagunewater zachtjes de buik van Rhapsody. Ik hoor haar nog net niet giechelen. Zouden ze pret hebben om het avontuur dat ze samen met de wind beleefd hebben.

Wanneer het eerste licht het gordijn van de nacht naar het westen opschuift, verlaten we dit kleine recif de corail. Buiten de pas hijsen we de parasailor en in een mooi tempo en lekker weer zeilen we naar Toau. Aan de Noord-westkant van het atol ligt Anse Amyot. Het is een valse pas. Het lijkt een doorgang maar een vrije doorvaart is gestremd door een koraalrif. Een kleine opening tussen twee motu’s is de enige open verbinding met de oceaan. De rest is een bijna 360graden beschermende plek voor golven en wind. Als we naar binnenvaren is het water zo doorschijnend blauw dat ik de bodem haarscherp kan zien. Misleidend helder. Tien meter diepte lijkt op het oog maar twee. Voor me ligt een turquoise groene wereld. We pikken een mooringlijn op en liggen in het paradijs voor snorkelaars. En dat is wat we hier voornamelijk doen:snorkelen.

Boink! Met een doffe klap belandt de kokosnoot in de kruiwagen. Het is niet de eerste. Ik buk om een volgende op te pakken. Ik ben aan het werk. De varkens moeten te eten hebben. De vrouw van de motu wil haar kokosmelk en ik moet de mooring betalen. Met het oprapen van de noten voldoe ik aan alle drie. Keurig leeg ik de kruiwagen onder de palmboom bij het hok van de varkens. Nog drie kruiwagens te gaan. Ik gluur nog even bij het hok. Ik kan het niet laten. Ik laat de kruiwagen voor wat het is en hang met mijn hoofd boven het hok. Er zijn net biggetjes geboren. Ze zijn zo klein en zacht met ieniemienie staartjes en neusjes.

Het varken van de buren heeft ook kleintjes maar die scharrelen allemaal hier rond. Ik tel wel 13 kleintjes. Met moeite maak ik mezelf los en ga ik verder maar niet voordat ik de lekke band van de kruiwagen weer opgepompt heb. Als laatste verzamel ik de mooie ronde waar de beste noten in zitten voor kokosmelk en leg ze bij het huis. Als ik me weer bij Valentine meld, is Gaston net terug van het vissen. En krijg ik een stuk visfilet mee.

Gaston en Valentine wonen op deze motu Anse Amyot en beheren de moorings. Het zijn bijzonder gastvrije mensen. Met trots leidt Valerie ons rond. Er is niet veel meer te vinden dan een grote kokosplantage, hun huis, hun restaurantje en het pensionnetje van haar zus, het lege ouderlijk huis en een klein kerkje waar Valentine en Gaston elke zondag hun eigen dienst verzorgen. De leesbril die ik hen geef, wordt dankbaar ontvangen want het vergemakkelijkt het lezen uit de bijbel. Er staan wat fruitboompjes. Meegenomen door andere zeilers uit de Markiezen. En wij mogen proeven van de eerste oogst; een pompelmoes. Gaston is hard aan het werk om een motorboot van hout te bouwen. Voorheen legde een bevoorradingsschip hier nog wel eens aan en haalde de copra op. Maar dat is niet rendabel genoeg. Nu moeten ze zelf de 1000kg copra wegbrengen. Ook de boodschappen doen ze in het dichtstbijzijnde atol Apataki of het grotere Fakarava. Ze leven van kokosnoten en vers gevangen vis. De katten, honden en varkens eten ook vis afgewisseld met verse kokos. Verbaasd zien we een fregatvogel bij Valentine op haar arm landen. Opgegroeid als kuikentje en komt al 15 jaar een visje halen. Als de zelfgemaakte rum op tafel komt, wordt Valentine loslippig. Ze vertelt haar levensverhaal. Het wordt een komisch anekdote omdat ze na elke zin zelf in lachen uitbreekt. Zo komen we erachter dat haar ouders naar deze motu gevlucht zijn omdat wanneer ze zouden blijven op hun huidige woonplek haar opa, Valentine van haar ouders afgenomen zou hebben. Dit is de trieste verkorte versie. Ze zijn nooit meer uit het ‘paradijs’ weggegaan. Ook wij blijven. Veel langer dan we gepland hebben. Het is ook zo verdraaid mooi.

 

‘There may be more beautiful times- but this one is ours’

Jean-Paul Sartre

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *