
richardsbaai
Het is midden in de nacht. De verlichting van de haven verblind me na al die uren in het donker op zee. Tussen al die lichtjes de opening van de havenmonding vinden, is een opgave. “Rood op rood en groen op groen.” John stuurt stuurs de goede richting uit. Dan, links en rechts van mij, zie ik duidelijk de strekdammen van Richardsbaai. Het golvende water is verandert in een gladde waterweg. Ik beleg de trossen een voor een om de kikkers. De stootwillen bind ik vast aan de zeereling. Op gelijke afstand en op het breedste stuk van Rhapsody’s romp. Ik probeer me te oriënteren en mijn ogen te laten wennen. Felle lampen verlichten de kades. Grote sleepboten liggen te wachten op vrachtschepen om ze naar binnen te geleiden. Wij doen het allemaal zelf. We zullen zo aan leggen aan de douanekade, de Q-dock. De plaats waar we ons moeten melden zodat de havenautoriteiten aan boord kunnen komen. John vaart het kommetje binnen. Ik heb de voortros klaar in mijn handen. Voor me zie ik een paar zeilboten. Nog even en dan zijn we er. Zelda ligt al afgemeerd. Heikki en Sheryl staan ons op te wachten. Amper 15 minuten na elkaar zijn we binnengelopen. Als we dichtbij genoeg zijn, gooi ik de voortros naar Sheryl. Heikki pakt de achtertros van John aan. Behendige handen leggen ons vast en geven de lijnen terug. Ik kan niet wachten. Ik sta te popelen om van boord te gaan. Als Rhapsody vast ligt, geef ik John een welverdiende kus waarna ik van boord spring. Ik stuiter de kade op en neer. “We’ve made it!” roep ik. Ik ren op Sheryl af en omhels haar langdurig. Ook Heikki krijgt een knuffel. “We did it.” Ik spring en stuiter. Mijn zeebenen werken prima op de boot. Hier op het vaste land heb ik er nauwelijks controle over. Ze zwabberen over de kade. Ik ben dronken nog voordat ik een druppel gedronken heb. Ik voel me licht in mijn hoofd. Dronken van blijdschap.

John komt inmiddels aanlopen met de fles bubbels en glazen. De verdiende druppels worden rijkelijk geschonken en gulzig gedronken. Zelden heeft een een champagne zo goed gesmaakt. De fles gaat tot de laatste druppel leeg. We hebben die wispelturige Indische Oceaan toch maar mooi en heelhuids overgestoken.
bijliggen
Ik weet het. We zijn er nog niet. We moeten Kaap de Goede Hoop nog ronden maar deze oceaan, de Indische, hebben we gehad. Vooraf zag het weerbeeld er niet rustig uit. “Een ruige tocht.” zo omschreef een ervaren zeiler in Madagaskar onze reis. “Maar te doen,” zei hij erachteraan. Hij heeft gelijk gekregen. De windstiltes en depressies wisselen elkaar af. Onderweg houden we nauw contact met Zelda. Voor een vrolijk praatje maar ook om onze tactiek af te stemmen. Er komt een krachtige depressie uit het zuiden. Volgens onze berekeningen bevinden we ons dan precies in de Algulgasstroom tegelijkertijd met het zwaarste gedeelte van het front. Ruim 30knopen wind met uitschieters van 38. Deze Algulgasstroom is berucht onder zeelieden. Het is een krachtige continue oceaanstroom uit het noorden. Stormachtige wind uit het zuiden zorgt voor een wind tegen stroom situatie met hoge steile golven tot gevolg. Zelfs tot monstergolven zo hoog. Daar blijven we liever uit de buurt. Heikki heeft een plek gevonden om te “schuilen.” Een plek midden op zee waar vrijwel geen stroming is en waar de heftigste wind ruim voor ons langs gaat. “We gaan bijliggen tot het ergste voorbij is.”
Bijliggen hebben we in al die jaren nooit hoeven doen. Het grootzeil is drie keer gereefd en strak aangetrokken. Het roer tegengesteld vastgezet. Zodra we deze handelingen uitgevoerd hebben, verandert de situatie aan boord direct. Een aangename rust daalt neer op Rhapsody. De snelheid is eruit. De geluiden nemen af. De bewegingen zijn kalmer en beheerst. Twaalf uur wachten we. Twaalf uur laten we ons gecontroleerd meenemen door de elementen. Na twaalf uur is het ergste voorbij en kunnen we zeilend verder. Een derde depressie vlak voor de kust van Zuid Afrika laat gelukkig op zich wachten tot we veilig binnen zijn. Het maakt allemaal niet meer uit. Het ligt achter ons. Het is verleden tijd. Nu zijn we hier in Zuid Afrika.

stevig ontbijt
“Hello goodmorning.” Een energieke dame loopt langs. “Hi, I’m Elmarie. Welkom in Zuid Afrika.” Haar Engels heeft een overduidelijk Suid Afrikans accent. Haar welkom is overweldigend. Ze kwebbelt aan een stuk door. Zij is aangesteld om internationale zeilers te helpen zodat de afhandeling met de autoriteiten zo soepel mogelijk verloopt. “Maar eerst ontbijt,” roept ze vrolijk. Ze overhandigt ons de menukaart van het nabij gelegen restaurant. Nou, een ontbijtje gaat er wel in. Normaal zou ik er niet aan moeten denken maar het eerste wat ik hier ga eten is friet. We hadden ons onderweg al zitten verlekkeren aan de friet hoewel we wisten dat we pas na sluitingstijd van het eettentje aan zouden komen. Het is inmiddels een traditie onder zeilers; na aankomst niet van boord maar wel eten van het restaurant. Ik ga dus voor het Zuid Afrikaanse ontbijt. Een steak, gebakken ei, worst, witte bonen in tomatensaus, gebakken aardappelen en natuurlijk de friet. Vetter kan niet. Een biertje gaat me net te ver.


Na al die dagen op zee kan het voor mij net zo goed avond zijn. John kiest een grotere variant. Alles dubbel. De serveerster komt langs en noteert onze bestelling. Een goed half uur later komt ze terug met twee grote borden vol. We smullen. Het bord gaat zo goed als schoon terug. Elmarie houdt woord. Even later staan de mannen van immigratie en de douane op de kade. Het is een formaliteit. Een paar formulieren invullen en een stempel in het paspoort. Èn Elmarie heeft een gastenvlag gehaald nadat ze hoorde dat we er geen hadden. Zo voorkomen we een boete. Haar service gaat ver.

Zululand Yacht Club
Nog diezelfde middag liggen we aan de steiger van de Zululand Yacht Club. We hebben een perfecte plek. Lekker dichtbij het toiletgebouw en het restaurant. Dat vinden de apen ook. ’s Ochtends worden we wakker door het getingel van ons anker. Dan wat lichte voetstappen op het dek. “Aapjes.” Elke nieuwe boot wordt door hen bezocht. Hopend dat de nieuwkomers hun etenswaar nog niet voldoende opgeborgen hebben. Een brutale aap hangt vliegensvlug op zijn kop door het dakluik. Zijn kop en lijf bungelt naar beneden. Een grijpgrage arm reikt al naar de koekjes op tafel. John kan hem net tijd wegjagen.

vonkelwijn
Op woensdagavond, na de avondwedstrijden, worden alle pas gearriveerde zeilers door Natasha voorgesteld aan de lokale zeilers. Ze verwachten een kort praatje en vragen naar onze ervaringen op de Indische oceaan. “That Ocean is not for Sissies!’ roept iemand wanneer ik mijn verhaal doe. Hij krijgt spontaan bijval van anderen. Om ons euforische en trotse gevoel compleet te maken, geeft Natasha ons een fles Zuid Afrikaanse vonkelwijn. Wat een hartverwarmend onthaal.
Zululand yacht club…. it’s worth to cross the Indian Ocean for.



Sissies zijn jullie zeker niet!
Geweldig jongens, wat een prestatie!!! Dat doen wij jullie niet na!!!! Dat bijliggen hebben wij ook alleen geoefend en nooit in het echie gedaan (gelukkig maar) wat een zeebonken zijn jullie toch, respect hoor.
Daarnaast zijn we blij dat jullie safe and sound in SA zijn aangekomen. Na een lange reis zuid, straks na de bocht de lange reis noordwaarts. Maar eerst bijkomen en genieten. Liefs Riens en Ineke
Champagne en friet? Is er iets meer lekker? Iets meer dan verdiend? Tof verhaal
Wat een heerlijk onthaal na zo’n stoere overtocht. En ook al is ie ‘not voor sissies’ … you’ve got a proud sister here
Heerlijk om weer jullie avonturen te lezen. En dan die Indische oceaan ik zelf moet er niet aan denken. Maar jullie doen t toch maar. Toppers. Op naar weer mooie avonturen
Geniet van de mooie baaitjes in SA.
Leuk om jullie avonturen weer te lezen
weer een bijzonder verhaal
moet even niet aan jullie ontbijt denken
en weer genieten van jullie volgende avontuur
Liefs tante Nel