RHAPSODY

Cayuco ontmoet kayak

“No problemo,” roept de Guna indiaan vanuit zijn houten cayuco naar ons toe. Terwijl hij dat zegt, geeft hij met zijn arm aan hoe we moeten varen. Met een boog om het rif heen. We liggen voor de inham bij het eilandje Suledup. Aan beide zijden ligt er een ondiep rif. In het boek van Bauhaus, de cruisers gids, staat een ankerplek aangegeven die de visser ons aanwijst. Ik twijfel. Het ziet er betoverend mooi uit. “Zullen we het doen,” vraagt John en stuurt, zonder mijn antwoord af te wachten, de boot verder de inham in. Ik sta op het voordek. Op het oog en dieptemeter naar binnen navigeren is het advies. Aan onze plotter hebben we niks. Daar is echt niets zinnigs op te zien. Zelfs de digitale kaart van Bauhaus laat het afweten. Op die kaart varen we dwars over eilandjes heen. Het water is goed helder en toch heb ik ongelooflijk veel moeite om in te schatten hoe diep het is. John roept om de paar tellen de diepte onder ons. Ik probeer daarmee een idee van de diepte te krijgen. We nemen de bocht te wijd. Net op het moment dat ik het niet vertrouw en John wil waarschuwen, lopen we zachtjes aan de grond. We proberen het nog eens. Nu varen we over dotten koraalkroppen. “Als we nu de grond raken, raken we hard koraal,” klinkt een waarschuwend stemmetje in mijn hoofd. “No problemo,” hoor ik de man bemoedigend roepen. Vissen zie ik wegschieten. “4 m!”roep John. “Dat klopt met de beschrijving van Bauhaus,” denk ik opgelucht. Langzaam varen we door en zie ik zand onder me en wordt het weer dieper. Met een plons ligt ons anker op een paradijselijke mooie plek. Alleen wij, beschut en op blak water. Om ons heen kleine eilandjes met palmbomen. In de verte de heuvels van de Darien met daarboven een steeds veranderlijke wolkenpartij. Dreigend en donker. We bedanken de Guna man hartelijk en zien hem tussen de eilandjes verdwijnen naar zijn dorp.

Zacht kabbelend water klotst tegen de boot. Ik lig in bed. Uitgeslapen en wakker. Het zachte licht van de eerste zonnestralen vallen door het raampje naar binnen. Ik draai me om en luister naar de geluiden. Weer gekabbel en als ik goed luister hoor ik een zacht vrijwel geruisloos ritme van een peddel in en uit het water komen. Ik mis een raam om vanuit mijn bed naar buiten te kijken. Ik sta op, doe snel wat aan, zet wat water op en ga naar buiten. Verschillende kano’s zijn al voorbij gevaren. Ik zie nog net de achterkant van twee vrouwen in gekleurde kledij. Ze stappen uit op het grote eiland en leggen de kano op het strand. Een paar uur later komen de eersten terug. Hun kano volgeladen met hout of palmtakken.  Sommigen roeien onze kant op. Gewoon om te kijken. Anderen hebben emmers mango’s, broodvruchten en limoentjes bij zich. Ik koop bij de eerste verse mango’s. De volgende stellen we teleur maar dat is geen probleem even vrolijk roeit hij verder.

Het dorp Caledonie ligt een paar eilandjes verderop. Wij vinden het een uitgelezen gebied om per kano te verkennen. Een beetje de Gunamanier om ons hier te verplaatsen. Dan vallen we niet zo op denk ik nog. Als we een eilandje voorbij zijn, kunnen wij het dorpje in de verte zien liggen. Bij een zandstrandje willen we aan wal. Zonder het te beseffen, zijn wij een bijzonderheid in de kayak met onze dubbele keer twee peddels. Van ver hebben ze ons natuurlijk al aan zien komen in dat blauwgekleurde gevaarte met die rare oranje dingen. Terwijl wij nog aan het aftasten zijn of we kunnen landen, springen er verschillende kids in het water. We hebben de kano net op het land gelegd of deze wordt geënterd door diezelfde kids. Handen voelen aan het materiaal, duwen het oppervlak naar beneden, de stoeltjes worden betast en vreemde billen zitten op de rand. Nog meer kinderen komen er bij staan. Twee durfals stappen in de kayak en krijgen de peddels in hun handen geduwd door twee anderen. Als ervaren kayakkers doen ze onze techniek perfect na. Gelach, overleg en gegil. “Congreso, congreso!” roepen de kinderen. De volgende twee staan al klaar om het ook eens te proberen. Van onze kayak is niets meer te zien. Verbouwereerd staan we erbij bij te kijken. Heel even speel ik met de gedachte om te gaan kanoën met de kinderen maar het zijn er gewoonweg te veel. Na een tijdje draaien we de kayak maar om en hopen dat ie er (weer) ligt als we terugkomen.

Op het plein staat een groot gebouw van bamboe en palmbladeren. Binnen staan houten banken. En in het midden hangen 3 hangmatten met daarin ieder een man, de chiefs van het dorp. Aan de zijkanten zitten mannen op een houten bank. Er wordt zacht gesproken. Ik weet niet of ik zomaar naar binnen mag dus loop ik door. Later lees ik in de pilot dat dit gebouw de congreso is. Het raadhuis zeg maar. Iedereen, jong en oud, mag hier zijn klachten neerleggen maar belangrijker zijn ideeën spuien. Dus wie weet, gebruiken ze hier over een tijdje geen enkele peddels meer maar dubbele als de kinderen het idee naar voren hebben gebracht en goedgekeurd wordt.

Bij terugkomst ligt de kayak nog op hetzelfde plekje met de peddels. Rustig instappen en wegvaren is er niet bij. De kinderen springen spontaan in het water, duwen ons af of hangen aan het lijntje. Het lukt me nog net om in ondiep water in de kano te stappen. We varen achteruit tot ze ons los laten en laten gaan. Een hoop gelach en gejoel. Op de terugweg nemen we een andere route en roeien we een stukje langs het bewoonde eiland. We kijken onze ogen uit. Boven het water aan de rand van het eiland achter de huisjes staan gebouwtjes van 1 bij 1. Een klein vierkant hutje van wat planken. Gelukkig zit er nu niemand op de ‘poepdoos’.

De toch al mooie dag wordt afgesloten met een fraaie zonsondergang. Het is zo stil, het water, het weer en uiteindelijk ook wij.

The future belongs to the curious.

The ones who are not afraid to try, explore it, poke at it, question it  and turn it inside out.

4 gedachtes aan “Cayuco ontmoet kayak

  1. Elientje

    Wat prachtig!!!

    Ps Vind je het gek dat jullie het hele dorp aan kids achter je aan kreeg als John een Follow Me shirt draagt haha!!!

  2. Harry

    Ik dacht serieus dat nergens mensen nog echt opkijken van een Europese kano. Jullie komen kennelijk op niet toeristische plekken en geven de mensen daar ook een mooie ervaring. Wat ik ook hartverwarmend vind is dat jullie zo veel vertrouwen in de medemens hebben en niet beschaamd worden in dat vertrouwen. `liefs

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *